Zlatan Ibrahimovic staat woensdagavond voor de derde keer tegenover zijn oude club Ajax. De aanvaller nam het eerder met Juventus en AC Milan op tegen de Nederlandse recordkampioen; woensdag keert hij als speler van Paris Saint-Germain terug in het stadion waar hij groot werd. Leo Beenhakker, de man die Ibrahimovic naar Amsterdam haalde, kijkt er in ieder geval naar uit.Beenhakker was aan het begin van de eeuw technisch directeur bij Ajax en besloot na een tip van scout John Steen Olsen om Ibrahimovic te kopen. "Ik klink misschien als een ouwe, sentimentele zak, maar ik was direct voetbalverliefd op die jongen", zegt de nu 72-jarige Beenhakker tegen De Telegraaf. Hij zag Ibrahimovic in de winterstop van het seizoen 2000/01 voor het eerst aan het werk, tijdens een trainingskamp in La Manga.Beenhakker zegt dat hij na een uurtje genoeg had gezien en sprak na afloop van de training in het spelershotel met Ibrahimovic, die duidelijk wist wat hij wilde. Het afronden van de transfer was echter nog een behoorlijke klus, omdat er nogal een prijskaartje aan Ibrahimovic hing. De Zweed moest tussen de acht en negen miljoen euro kosten en dat was, en is nog steeds, heel veel geld voor een negentienjarige speler. "Financieel directeur Jeroen Slop keek me aan en zei: waar gaat dit over? En algemeen directeur Arie van Eijden moest een rondje langs de commissarissen maken. Hij heeft wel honderd keer gevraagd: Leo weet je het zeker? Maar ik was nog nooit zo zeker geweest."