Thulani Serero koos bijna twee jaar geleden voor een avontuur in de Eredivisie, toen hij Ajax Cape Town verliet en tekende bij het ‘moederfiliaal’ in Amsterdam. In zijn eerste seizoen bleef het bij invalbeurten, maar aan het begin van deze jaargang deed Frank de Boer enkele keren achtereen een beroep op hem. Een blessure wierp Serero vervolgens ver terug, maar hij geeft niet op. De Zuid-Afrikaan wil blijven knokken voor zijn kansen bij Ajax en draagt dat ook mee in zijn karakter en persoonlijkheid. Serero groeide onder moeilijke omstandigheden op, roept hij in herinnering op de clubwebsite. “Ik ben een jongen uit de getto, we voetbalden op straat. Veel meer was er niet te doen. Ze zeggen altijd dat de sterksten overleven. Maar in Soweto is dat niet per se zo.” “Ik ben genoeg vrienden kwijtgeraakt aan de criminaliteit, aan de drugs vooral. Dat ik daar zelf buiten ben gebleven, kwam vooral doordat ik bang was voor mijn ouders, die waren heel streng”, aldus de 23-jarige Serero. Ging hij de fout in, dan stond er volgens hem thuis heel wat te wachten. Terugkijkend ziet de twaalfvoudig international dat dat hem er doorheen hielp, naast zijn sportieve activiteiten. Twee jaar geleden liet hij Zuid-Afrika achter voor Amsterdam, een stap waar hij op dat moment ook echt aan toe was. “In Zuid-Afrika had ik alle individuele prijzen gewonnen die er als voetballer te winnen zijn. Talent van het jaar, speler van het jaar, noem maar op. Kampioen worden met je team, dat zou dan de enige reden kunnen zijn om nog te blijven. Maar hoewel voetbal natuurlijk een teamsport is, moet je als voetballer op sommige momenten ook voor jezelf durven kiezen.”