Vrijwel iedere clubtrainer wil beschikken over iemand als Siem de Jong. De 24-jarige Ajacied is op vrijwel alle posities op het middenveld inzetbaar, maar hij kan ook uit de voeten als schaduwspits of diepste spits. Een plek veroveren in de nationale ploeg is daardoor lastig voor De Jong, omdat een bondscoach op iedere positie meestal kiest voor een echte specialist. Toch ziet De Jong kansen. “Het zou met het oog op het WK zelfs in mijn voordeel kunnen uitpakken, dat ik op meerdere posities kan spelen”, zegt De Jong in gesprek met ELF Voetbal. “Dat heeft de bondscoach ook tegen me gezegd. Het enige nadeel van mijn veelzijdigheid is dat het moeilijk wordt om een vaste positie te veroveren.” Mede door de moordende concurrentie op het middenveld en in de aanval bij Oranje speelde de aanvoerder van Ajax nog maar twee interlands. Hij debuteerde in augustus 2010, toen het Nederlands elftal met een compleet vernieuwde groep aantrad tegen Oekraïne. In maart 2013, drie jaar na zijn debuut, mocht hij invallen in het WK-kwalificatieduel met Roemenië.