Ricardo van Rhijn werd zondagmiddag in de Klassieker na een uur spelen met een rode kaart van het veld gestuurd. De rechtsback van Ajax had zijn handen vol aan Jean-Paul Boëtius en dat kostte hem uiteindelijk twee gele kaarten. Na afloop had Van Rhijn weinig goede woorden over voor arbiter Pol van Boekel.
"Ik ben blij met de overwinning, maar baal dat ik mijn eerste klassieker in de ArenA niet heb kunnen uitspelen", aldus Van Rhijn. "Na de uitwedstrijd was ik erop gebrand om goed te spelen tegen Jean-Paul Boëtius. En dat ging in het begin ook redelijk. In de tweede helft had ik het twee keer wat handiger moeten doen."
"Misschien had de scheidsrechter ook last van de zenuwen", vervolgt de verdediger. "Het was een onterechte tweede gele kaart, er was op dat moment geen contact. Ik had ook niet het gevoel dat hij voor een strafschop floot, dacht aan een schwalbe. Boëtius viel en dat heeft hij goed gedaan… Hij (Van Boekel, red) voelde de wedstrijd niet aan, gaf veel te snel en veel te veel kaarten en dat pakte niet goed voor ons uit. Ik was blij dat mijn ploeggenoten de overwinning eruit sleepten", besluit Van Rhijn.