Ricardo van Rhijn heeft zich tijdens het trainingskamp in Brazilië regelmatig in de arm moeten knijpen. Precies een jaar geleden gold hij nog als toptalent met potentie, maar inmiddels hij is uitgegroeid tot international van het Nederlands elftal en heeft hij een landstitel achter zijn naam staan. De 21-jarige Leidenaar beseft dat het allemaal bijzonder snel gaat. “Als profvoetballer heb je natuurlijk al een prachtig leven, maar Oranje, de ervaring in de Champions League en het kampioenschap maken dat alleen nog maar wat extra mooi.” Al die ervaringen op het allerhoogste niveau hebben hem als voetballer veranderd. “In het afgelopen jaar ben ik volgens mij veel degelijker geworden. Puur verdedigend gezien, had ik even een terugslag, maar daar ben ik overheen gekomen. Waar ik in het verleden de ene wedstrijd een acht kon scoren en daarna een drie, is nu volgens mij de ondergrens een stuk hoger”, vertelt hij in Voetbal International. Zijn progressie is mede te danken aan Jaap Stam, die hem als speler van Jong Ajax onder handen nam. “Meneer Stam heeft natuurlijk een fantastische carrière achter de rug. Ik noem hem overigens nog steeds meneer, al gaf hij al meerdere keren aan dat ik gewoon Jaap mocht zeggen. Maar zijn uitstraling, niet normaal. En dan bedoel ik niet alleen fysiek hè. Stam hoeft niet zijn shirt uit te doen om indruk te maken, het is zijn hele voorkomen.”