Aras Özbiliz maakte in een seizoen met ups en downs zijn debuut voor Ajax. De twintigjarige middenvelder mocht vorige maand tegen VVV-Venlo voor het eerst invallen en stond een week later in de basis tegen NEC, namens Ajax. In navolging van Roly Bonevacia en Florian Jozefzoon kreeg hij de kans zich te laten zien aan Martin Jol, die inmiddels niet meer bij de club zit.“Geweldig natuurlijk”, noemt hij op Ajax' officiële website zijn debuut in het eerste elftal. “Met een overwinning is het helemaal mooi. Ik heb puur vanuit mijn taken gevoetbald en dat ging wel goed. Ik heb alleen niet veel acties kunnen maken. Ik was een beetje zenuwachtig, maar dat is normaal voor een eerste wedstrijd.” Özbiliz speelde de complete tweede helft; Ajax won met 2-0 in Venlo.In het verleden had hij last van zware blessures, maar dat verhinderde toenmalig A1-trainer Frank de Boer er niet van Özbiliz een grote toekomst toe te dichten. “Je wordt je bewuster van alles nadat je zware blessures hebt meegemaakt. Het is niet dat ik meer uitkijk in mijn spel. Je moet natuurlijk wel vrijuit kunnen spelen, maar je staat wel stil bij het feit dat er meer dingen zijn dan alleen voetbal”, zegt de middenvelder donderdag. In zijn ogen komt hij het best tot zijn recht als links- of rechtsbuiten. “Welke van de twee plekken, maakt niet zoveel uit.”