Christian Eriksen staat te boek als een van de grootste talenten van de Eredivisie en misschien zelfs Europa. De Deen speelt inmiddels alweer bijna drie jaar in het eerste van Ajax, maar toch drukt hij zijn stempel nog niet zo op het spel als verwacht. Hoewel Eriksen nog altijd pas twintig is laaide de discussie rondom hem deze week, tijd dus om de middenvelder eens in de Weegschaal te stellen tijdens de topper tegen koploper FC Twente.
Slecht begin, goed flitsen
Het eerste moment dat Eriksen nadrukkelijk in beeld komt, is wanneer hij in de derde minuut de bal eenvoudig onder zijn voet laat doorrollen. Het is typerend voor zijn vorm van de laatste weken, maar even later laat hij ook zijn klasse zien. Met een fraai balletje met buitenkant rechts zoekt hij Ryan Babel in het strafschopgebied, maar de spits mist de bal net.
Waar hij de afgelopen weken af en toe een sprankje van zijn klasse liet zien, maar vooral slordige momenten overheerste komen tegen Twente langzaam de momenten van genialiteit bovendrijven. Zo stuurt hij vlak voor rust met een schijnbeweging Roberto Rosales het bos in om vervolgens met zijn verkeerde linker de bal strak voor te geven. Het is een plotselinge versnelling in het spel, waarmee Eriksen zijn tegenstanders verrast.
Meer vrijheid
In het tweede bedrijf raakt Eriksen meer betrokken in het spel van de Amsterdammers. De wedstrijd raakt in een iets hoger tempo wat de het jonge talent niet slecht uitkomt. Vaak heeft Eriksen net iets meer ruimte, dan voor rust wat maakt dat hij iets meer met zijn acties kan doen. Eigenlijk is het nog te mager wat de nummer tien van Ajax laat zien, maar halverwege de tweede helft is daar weer zo’n moment.