Aras Özbiliz is nog niet daar waar hij graag wil zijn bij Ajax. De 22-jarige vleugelaanvaller maakte vorig seizoen zijn officiële debuut in het eerste, vlak voordat Martin Jol wegging uit Amsterdam. Onder Frank de Boer mocht Özbiliz rekenen op nog flink wat kansen, maar mede door blessures kwam hij tot nu toe nog niet helemaal uit de verf. Inmiddels is Özbiliz op het punt aanbeland dat hij iedere wedstrijd díe hij speelt, koestert. Sinds november 2010, het moment van zijn debuut bij Ajax, speelde Özbiliz niet meer dan 24 wedstrijden. Daarin maakte hij buitenspeler twee doelpunten. “Door wat ik allemaal heb meegemaakt aan blessures, koester ik nu elk moment dat ik kan spelen. Dat is echt zo. Ik zal Ajax ook altijd dankbaar blijven dat ze me destijds een contract hebben gegeven, terwijl ik midden in mijn revalidatie zat en het nog helemaal niet zeker was dat ik er goed uit zou komen”, zegt Özbiliz woensdag op de clubwebsite. “Bij een kruisbandblessure is dat sowieso de vraag, maar helemaal als je nog zo jong bent en je lichaam nog in de groei zit. Voor hetzelfde geld was ik er nooit meer helemaal bovenop gekomen en had ik nu ergens bij de amateurs gespeeld.” Özbiliz werd al in de jeugd getroffen door kwetsuren en dat was een flinke domper. “Je hoort natuurlijk wel vaker van voetballers met deze blessure, maar het gebeurt bijna nooit bij jeugdspelers. Het is altijd een klap, maar zeker op die leeftijd.” In vergelijking met collega-Ajacieden die 24 duels hebben gespeeld, is Özbiliz relatief oud. “Ik ben een jongen van 22, maar als voetballer voel ik me eigenlijk een stuk jonger”, geeft de Armeens international aan in het interview. “Puur omdat ik door die blessures een paar jaar helemaal niet heb kunnen voetballen. Ik heb voor mijn gevoel nog heel wat in te halen ten opzichte van andere jongens van mijn leeftijd.” Özbiliz' contract bij Ajax loopt nog tot de zomer van 2014.