AZ kon een 2-0 voorsprong in Amsterdam niet over de eindstreep slepen. Met tien man vocht Ajax zich terug uit geslagen positie met Theo Janssen als uitblinker (2-2).Janssen haalde zijn gram op al zijn criticasters die de laatste weken twijfelden aan zijn waarde voor Ajax. Met een schot van afstand bracht de middenvelder in de 82ste minuut zijn ploeg naast AZ, dat ondanks het gelijkspel nog kan bogen op een voorsprong van zes punten. Met het resultaat mocht Ajax zich gelukkig prijzen. De Amsterdamse ploeg keek niet alleen na 22 minuten tegen een 2-0 achterstand aan, maar verloor in de zeventigste minuut ook Eyong Enoh die zijn tweede gele kaart incasseerde na een onhandige actie.Invaller Charlison Benschop verzuimde bovendien in de 77ste minuut de zege van AZ veilig te stellen. Zijn inzet werd door Toby Alderweireld uit het doel gehouden, zoals in blessuretijd Jasper Cillissen – ingevallen voor de geblesseerde Kenneth Vermeer – hem van een doelpunt afhield.Ajax mocht het zichzelf aanrekenen, dat het gedwongen werd een inhaalrace te moeten aangaan. De Amsterdamse defensie maakte vooral in de eerste helft een kwetsbare indruk. AZ leidde na 22 minuten terecht met 2-0, met Brett Holman in een hoofdrol.De Australische aanvaller had bij de 1-0 na veertien minuten nog het geluk dat zijn schot door Alderweireld van richting werd veranderd. Maar bij de 2-0 van Roy Beerens was er niet af te dingen op diens rol. Hij behield het overzicht en zette met een fraaie pass Beerens vrij voor Vermeer. De afronding – een stift – paste bij de voorbereiding. Ajax herstelde zich in de tweede helft en kreeg daarbij vroeg een duwtje in de rug. Scheidsrechter Björn Kuipers zag in een sliding van Dirk Marcellis op Derk Boerrigter voldoende aanleiding voor een strafschop. Miralem Sulejmani benutte de penalty: 1-2.Een enerverende tweede bedrijf volgde waarin beide ploegen hun aandeel in het spektakel hadden. Ajax had daarbij de pech dat tot drie keer toe het aluminium een doelpunt in de weg stond. In de 82ste minuut volgde de ontlading, niet in de laatste plaats bij Janssen zelf.